THE SURVIVAL OF THE FITTEST: LEVEN MET KIWI'S EN CRISPRS



Op 4 maart 2014 vertrek ik voor twee jaar naar Nieuw Zeeland. Dunedin is de place to be. Ik ga er werken aan de University of Otago, de oudste universiteit van Nieuw Zeeland. Dunedin ligt op het Zuidereiland, zo'n 400 kilometer onder Christchurch. Het heeft een gematigd zeeklimaat. Net als Nederland.

zaterdag 25 oktober 2014

MEET THE OTAGO INFANTRY REGIMENT IN FLANDERS FIELDS

Terwijl Raymond nog maar amper bekomen is van zijn verjaardag, vertrekken zijn ouders, inclusief Lucien, naar de Côte d'Opale in Frankrijk. De eerste dagen zijn schitterend zonnig. Vanaf de twee kapen (Blanc Nez en Griz Nez) zijn de witte krijtrotsen van het Engelse vasteland aan de overkant van het Kanaal goed te zien. Zonder dure verrekijker overbrugt je blote oog bijna 30 kilometer staalblauw Kanaalwater. De K5 kanonnen van Batterie Todt in Audighen zwijgen al 70 jaar, we lopen er dus zonder gevaar voor eigen leven rond.

Een aantal dagen later zwerven we over het Tyne Cot Cemetary, het grootste Britse soldatenkerkhof op het Europese vasteland. Ongeveer 12.000 grafzerken van gesneuvelde militairen uit de Britse Gemenebest. Allemaal gedood tijdens de veldslagen rondom Ieper en Passendale. Van velen is de naam niet in steen gebeiteld, maar wordt aangeduid als known unto God. Daarentegen staan wel 35.000 namen van vermiste militairen in de gedenkmuur gegrift.
Op veel grafzerken prijken de namen van Nieuw Zeelandse militairen van het Otago Infantry Regiment. In het kader van de 100-jarige herdenkingen van The Great War (1914-1918) is het kerkhof bezaaid met bloemenkransen. De kleur oranje overheerst. Poppys.

Weer een dag later (de zon is verdreven door een grauwe regen) 'amuseren' we ons in het Flanders Fields Museum aan de Grote Markt van Ieper. De machtige Lakenhal, totaal verwoest in de Eerste Wereldoorlog, is al jaren geleden schitterend in zijn oude glorie gerestaureerd.
En ook in het Flanders Fields Museum lopen we de Nieuw Zeelandse militairen tegen het lijf. En krijgen we nog meer begrip voor het feit dat daar jaarlijks ANZAC Day, een nationale feestdag ter herinnering aan alle Nieuw Zeelandse soldaten die in de beide wereldoorlogen op het Europese vasteland hebben gevochten.

Woensdag 22 oktober zijn we weer thuis. 's Morgens skypen we met hem. De dag ervoor (in Ieper, dus) heeft hij al een Whatsapp bericht gestuurd. Mijn ontwerp voor de cover (dat aansluit bij het artikel waarvan Raymond de eerste auteur is) van het novembernummer van Molecular Cell is geaccepteerd. Er is alleen 1 probleem. De Yanks hebben graag dat het in een hoge resolutie wordt aangeleverd, minstens 300 dpi. En liever nog in een tif-formaat. Waarbij de foto in Raw-kwaliteit gemaakt moet zijn. De deadline ligt vijf uur later. Voor Raymond is het nog een paar uur voor zijn middernacht. Dat wordt dus haastwerk. Zelf hoopt hij met het door mij geleverde jpg-formaat een heel eind te komen. Ik beloof hem dat ik uit zal proberen te vogelen hoe eventueel nieuwe foto's gemaakt kunnen worden met de gevraagde kwaliteitseis. Ik bel er zelfs voor naar de fotohandel (want ik heb nooit 'raw' gewerkt). Uiteindelijk lukt het, maar dan ligt Raymond al uren op 1 oor. 


Gelukkig heeft hij zijn oud-collega in Wageningen, prof. John van der Oost, gemandateerd om een en ander kort te sluiten met de Amerikanen. Ik mail hem later, als de foto's gelukt zijn. En stuur hem via Wetransfer het resultaat op, waarna hij hij weer door kan sturen naar de redactie van Molecular Cell. En nu maar wachten op het novembernummer van Mol Cell. Fingers crossed.

Raymond sluit de skype-sessie af met het op het scherm tonen van wat culinaire voedingswaren die hij een paar dagen eerder bij de kwaliteitswinkel in Dunedin heeft verworven: peanut butter en beef jerky. Fijne voedingswaren waar je ontbijt of lunch erg van opknapt. Het water loopt hem zowat uit de mond. 

Het komend weekend heeft hij een intensief programma voor de boeg. Donderdagavond potluck dinner bij Peter Fineran. Vrijdagavond een filmavond bij zijn collega Adrian. En zaterdagavond het afscheid van collega Anne, die bij hem een paar weken in huis heeft gewoond. En zondag, als het weer goed is, wil hij ons verjaardagscadeau verzilveren: een treinreis door het binnenland van het Zuidereiland, van Dunedin naar Middlemarch. Met de Taieri Gorge Railway. Hopelijk is het weer goed. Even weg uit de hectiek.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

reactie kan hier